Vissen (Pisces)

De twee vissen van het teken Vissen, het laatste teken van de dierenriem, zwemmen in verschillende richtingen, maar worden verbonden door een draad tussen Ram en Waterman.
De twee vissen zijn zowel een christelijk als een heidens symbool. Ze komen voor het eerst voor in een zeer oude mythe, namelijk als ze een gigantisch ei uit het water van de rivier de Eufraat duwen. Uit het ei kwam de liefdesgodin Atagartis. Zowel zij als haar zoon-minnaar, Ichthys, namen de vorm aan van een vis en in al haar tempels bevonden zich heilige visvijvers. Deze oude viscultus, die geconcentreerd is rond de moedergodin en haar zoon, die jaarlijks sterft en herboren wordt, vertoont veel overeenkomsten met het christelijke verhaal van Christus, de Visser van Mensen die broden en vissen vermenigvuldigde en in het begin van de christelijke periode als Ichthys ofwel Vis bekend stond.
Het begin van het Vissentijdperk, het moment waarop de lentezonnewende, na 2.000 jaar in Ram gestaan te hebben, in Vissen plaatsvond, viel ruwweg samen de geboorte van Christus in, zeggen de meeste hedendaagse bronnen, 7 voor Christus. In dat jaar ontmoetten Jupiter en Saturnus elkaar op het punt dat de nieuwe zonnewende in Vissen markeerde en vormden samen een buitengewoon heldere ster die in de wintermaanden de Drie Wijzen geleid kan hebben die vanuit Jeruzalem naar het enkele kilometers zuidelijker gelegen Betlehem reisden.

De Sterren
El Rischa, het koord, de voornaamste ster van Vissen, geeft de knoop aan die de Vis samenbindt. Het is de ster die het dichtst bij Ram ligt en hier zou in 7 voor Christus de planetaire ontmoeting hebben plaatsgevonden die samenviel met de geboorte van Christus.